| als een kind
de vrede hier de liefde hier ten dele ten dele de vriendschap de vreugde onvolmaakt zo voorbij in kunst het zware in kracht donkere in wijsheid dode de roos het breekt wordt niet geraakt aan jou en mij
ten dele o God ons geloven eens licht en levend en dubbel geheel smart de pijn bij u te zijn . Toen ik een kind was, sprak ik als een kind, voelde ik als een kind, overlegde ik als een kind, maar nu ik volwassen ben, heb ik het kinderlijke voorgoed achter mij gelaten. Nu hebben wij nog geen heldere kijk op God, maar straks zullen wij oog in oog met Hem staan. Ik ken Hem nu nog maar ten dele, maar dan zal ik Hem volkomen kennen, zoals Hij ook mij door en door kent. (1 Cor.13:11 en 12)
|
| |